Modelmatige miljoenentekorten zorgen voor verwarring

Tijdens de raadsvergadering van vorige week dinsdag moest de wethouder op verzoek van de volledige oppositie hierover verantwoording afleggen. In de raadsvergadering van december 2014, één maand na de begrotingsbehandeling, informeerde hij de raad over de dreigende rode cijfers. Dat deed hij op het moment dat de Startnotitie Onderhoud Openbare Ruimte aan de orde kwam, maar volgens de oppositiepartijen was dat veel te laat omdat bleek dat de wethouder al enkele maanden daarvoor op de hoogte was. De schriftelijke uitleg van de wethouder over zijn ongelukkige timing werd door de oppositie niet geaccepteerd en dus moest Geerdes nogmaals uit de doeken doen waarom hij hiermee pas in december op de proppen kwam.

Volgens de wethouder is de verwarring ontstaan door de financiële rekenmethodiek die in het gemeentehuis wordt gehanteerd. De tekorten blijken voor de komende vijf jaar namelijk niet feitelijk te bestaan maar slechts modelmatig berekend te zijn. Geerdes: "Omdat er in 2015 nog geen echte tekort bestaat en er daardoor ook geen direct financieel risico is, is de begroting voor 2015 door de raad in november vorig jaar rechtmatig vastgesteld. Ook in de meerjarenbegroting tot en met 2019 zijn de middelen nog toereikend om het jaarlijks geplande onderhoud te kunnen uitvoeren."

Geerdes was juist van mening dat hij de raad vroegtijdig bij het probleem had betrokken. "Omdat we in de rekenmodellen zien dat er na 2019 wel echte tekorten gaan ontstaan, moeten we nu al actief aan de slag met het zoeken van oplossingen hiervoor", aldus Geerdes. "Daarvoor is de startnotitie bedoeld die in december aan de raad is voorgelegd. Daarin worden een aantal mogelijkheden omschreven waarmee we ook in de verdere toekomst de kwaliteit van de openbare ruimte kunnen behouden en het onderhoud betaalbaar kunnen houden. Dat vraagt om keuzes waarbij ook inwoners actief betrokken worden."

Het enige punt waarop wethouder Geerdes de oppositie gelijk gaf was dat de modelmatig berekende tekorten vanaf 2019 in de risicoparagraaf van de begroting vermeld hadden moeten worden. Daarin beloofde hij beterschap.

De oppositiepartijen ITH en SGP lieten daarna duidelijk blijken dat zij nog steeds niet tevreden zijn met de uitleg van de wethouder. "U waant zich in dromenland, de realiteit is meestal weerbarstiger", zo reageerde Willem Zandbergen namens ITH. Gijs van Leeuwen (SGP) maakte over de hele gang van zaken een verwijt aan het huidige maar ook aan het voorgaande college van B en W. Volgens Van Leeuwen had het ook anders kunnen lopen als dit probleem al was onderkend en besproken ten tijde van de collegebesprekingen die volgden op de gemeenteraadsverkiezingen van vorig jaar.

De coalitiepartijen hielden zich duidelijk meer op de vlakte. Arnold Biesheuvel (PvdA) noemde het een taalkundige misser omdat het woord 'tekort' anders was opgevat dan het in dit geval was bedoeld, en Erik-Jan Visser (CDA) hield het bij een 'hoogst ongelukkig misverstand'. (SV)