• Burgemeester de Jong benoemd Kees van Dalen, Herman Geerdes, Jana Smith en Hilde de Groot (vlnr) in het nieuwe college.

    Martin Monkel

Collegeleden benoemd

HOUTEN Op dinsdagavond 12 juni heeft burgemeester Wouter de Jong het nieuwe wethouders in het college van Houten benoemd. De burgemeester deed dat door achtereenvolgens bij Kees van Dalen (CDA), Herman Geerdes (VVD), Jana Smith (CU) en Hilde de Groot (GL) de eed of de belofte af te nemen. De publieke belangstelling hiervoor was uiteraard groot.

Martin Monkel

PROCEDURE Vooraf schetste de voorzitter van de raad de procedure van een dergelijke benoeming, te beginnen bij de zogenaamde 'commissie voor de geloofsbrieven'. In een geloofsbrief verklaart de volksvertegenwoordiger dat hij/zij de Nederlandse nationaliteit bezit - of als Europees onderdaan minimaal vijf jaar in Nederland woont - en geeft de betrokkene inzicht in zijn/haar nevenwerkzaamheden. Deze mogen niet strijdig zijn met de beoogde functie van wethouder (belangenverstrengeling). Onder voorzitterschap van Anneke Dubbink (PvdA) verklaarde de commissie, die verder bestond uit David Jimmink (GL) en Wouter van den Berg (SGP), dat "hiervan geen sprake is en dat de benoeming voldoet aan de vereisten van de gemeentewet."

Vervolgens moeten de raadsleden – omdat het personen betreft – schriftelijk hun stem uitbrengen op de voorgedragen wethouders. Op verzoek van de burgemeester is de hiervoor genoemde commissie bereid ook voor de 'stemopneming' te zorgen. Nadat onder toezicht van de griffier de stemmen zijn geteld, blijkt dat alle wethouders zijn gekozen met 24 stemmen voor en 5 stemmen tegen.

Hoewel de stemming geheim is ligt het voor de hand te concluderen, dat de tegenstemmen afkomstig zijn van de grootste oppositiepartij.

OPDRACHT Het is nu aan het nieuwe college van burgemeester en wethouders aan de slag te gaan met de uitwerking van het coalitieakkoord. Uit het debat dat daarover, voorafgaand aan de benoeming, in de gemeenteraad werd gevoerd, volgt onder meer dat de formulering in het akkoord nog heel algemeen is, het akkoord nog te onevenwichtig is en dat de concrete invulling van belangrijke thema's ontbreekt. In principe vindt de uitwerking ervan plaats in het collegeakkoord dat na de zomervakantie in de raad wordt besproken. Net als tijdens deze vergadering van de gemeenteraad zal de oppositie kritisch zijn op de inhoud, maar dat is dan ook voor de komende vier jaar hun rol.