Brandweeroefening onderbroken en aangepast uitgevoerd

De brandweer oefent periodiek met de BHV-organisatie van het arrestantencomplex op De Meerpaal. Doel ervan is om de interne processen voor de BHV ten tijde van een incident te beoefenen, de locatiebekendheid voor de brandweer te bevorderen in een pand met arrestanten en samenwerking tussen beide ten tijden van een incident. Daarbij worden steeds andere scenario's beoefend.

Oorspronkelijke opzet van de oefening

Twee gearresteerde bendeleden worden door undercoveragenten overgebracht naar het Cellen Complex Houten. De bende waarvan zij lid waren hanteren een gouden regel: praten met de politie doe je nooit. Omdat dit wel verwacht wordt, is het plan opgevat ze te liquideren. Dat vindt plaats door een op afstand aangebrachte autobom te laten ontploffen bij binnenrijden van de afgesloten in/uitstapplaats onder het complex.

Als gevolg hiervan is er brand, zijn er gewonden, overledenen, beklemming in een auto en is het vermoeden dat de draagconstructie van het gebouw mogelijk onveilig is geworden als gevolg van de explosie. Om die reden vindt er een evacuatie van een aantal arrestanten plaats. Gezien de aard en omvang van het incident wordt er een Gecoördineerde Regionale Incidentbestrijdings Procedure (niveau GRIP 1 ) opgestart. Dat is een werkwijze waarmee bepaald wordt hoe de coördinatie tussen hulpverleningsdiensten onderling verloopt. In deze procedure is de centrale gedachte dat grotere incidenten anders afgehandeld moeten worden dan kleinere, omdat er meer middelen en bestuurslagen betrokken raken, moet er opgeschaald worden.

Gestopt door no-play

Vanwege de twee no-play momenten, de ambulance en het arrestantenbusje, die nagenoeg gelijktijdig werden afgekondigd, lag de oefening kort na de start ruim een uur stil. Uiteindelijk werd besloten de politieprocessen en een deel uit de oefening te halen om de interne processen die bleven spelen als gevolg van de no-play te kunnen laten doorgaan. Twee van de drie brandweer TS voertuigen konden daardoor terug naar de kazerne. Een bleef er achter. De manschappen van dit voertuig oefenden verder. Zij gingen oefenen in het bevrijden van slachtoffers uit het verwrongen voertuig. Zij deden dit met hydraulisch gereedschap. Dooroefenen was ook gewenst, omdat een van de bevelvoerders, die in opleiding is, nog een inzet moest uitvoeren van een technische hulpverlening.

Zinvolle oefening

Het coördinerend overleg tussen hulpdiensten, dat buiten het complex plaatsvond in een speciale overlegcontainer, werd na de no-play situatie ook weer opgepakt. De deelnemers aan de oefening overlegden en stemden verder af op basis van de gegevens die in het draaiboek van de oefening stonden. Daarmee zagen ook de opgekomen coördinerende officieren van dienst kans de avond zinvol af te sluiten. Minder geluk hadden de 45 ROC Midden Nederland studenten van het Veiligheid en Defensie College, opleiding veiligheid. Twintig bleven opgesloten zonder geëvacueerd te worden zoals in het draaiboek stond. Zij werden vrijgelaten toen de oefening werd aangepast. De 25 anderen stonden buiten in de regen te wachten met een rol voor de oefening die niet kon worden uitgespeeld. Ondanks alles werd er toch een zinvolle oefening uitgevoerd. Aan de oefening deden 48 figuranten en ruim vijftig deelnemers van diverse hulpdiensten mee.(JvA)